18 mei 2012

De Prins van Persië te rijk

Verder naar het Zuiden. Op onze 3.000 kilometer lange queeste over wegen vol witte Paykan's (de Iraanse Lada) en Merck-trucks arriveerden we in wat wel de mooiste stad van Iran wordt genoemd. Eerste indruk van Esfahan; kleurrijk! De wegen worden hier prachtig gescheiden met stroken groen en bloemen. Wat een verademing. Een zoektocht naar een geschikt heenkomen, zou vast een goede lokatie opleveren. Helaas zaten veel hotels al vol, dat hadden wij niet eerder meegemaakt. Met Hein Gericke (en Lisan's Rev'it) aan de huid vast geplakt werd het er allemaal niet makkelijker op. Totdat we bij het aardige Familiehotel Totia aan kwamen. Een prima plek, waar opa je lachend je koffers de lift in draagt, en je kunt grappen met de eigenaar achter de receptie. Zo zien wij dat graag! Bijkomend voordeel, achterom bevond zich een keurige bewaakte parkeerplaats voor George. Zo konden we gerustgesteld op één oor. Esfahan (ook wel 'Half of the World' genoemd) verkennen is makkelijk. Je loopt er zo naar het beroemde Imam plein (één van de grootste stedelijke pleinen ter wereld). Iraniërs voelen zich hier vrijer dan elders en schoorvoetend zie je een arm rond een middel van een geliefde. Een opa vroeg ons om Nederlands geld. We wilden thee drinken op het beroemde houten terras waar je als Julius Ceasar het gepeupel ver beneden op het plein kunt gade slaan. Helaas stond dit, evenals de beroemde betegelde moskee, in de houten stijgers. Rond het plein kun je makkelijk verdwalen in de enorme bazar. Met een zakje Amerikaanse amandelen (de lekkerste volgens de Iraniërs) knabbelden we ons een weg terug naar Totia.

Veel kleiner is Yazd, misschien wel het gemoedelijkste plaatsje in Iran. Op een steenworp afstand waren wij er in twee polswendingen. Hier is het minder makkelijk om je weg te vinden als je er aan komt. Je moet in het oude gedeelte zijn, een no-go zone voor de GPS. Navragen bracht ons door de met klei en stro ommuurde wirwar van steegjes bij het Kohan Family Hotel. Daar zagen wij wat er zich achter de muren afspeelt. Met een mooie binnenplaats een koele kamer hadden wij ons goed gevestigd. En George stond die nacht gebroedelijk naast een 102-jaar oude motorfiets! Zo ontmoetten wij de eigenaar Ron Fellows, de Nieuw-Zealander die precies de route had afgelegd die wij nog moesten doen. Al gauw beseften wij dat de route door Balochistan en de rest van Pakistan best mogelijk was. Want als een oude man van 68-jaar op een antieke viercilinder de tocht kan maken, dan konden wij het ook. Hij werd door niemand gekidnapt. En toch reed Ron niet harder dan 40 kpu, met een acceradius van 150 km per dag; hij stopte ook nog om de 50 km om de motor af te laten koelen. Hoe moeilijk kan het dan zijn? (edit: wij weten inmiddels, nu wij dit beruchte stuk achter ons gelaten hebben, dat Ron een enorme held is. Ongelofelijk wat een doorzettings vermogen heeft deze taaie, oprecht vriendelijke man.)

Ook gemoedelijk vonden wij Bam. Niet vanwege de stad, wel vanwege Ak'bar - de eigenaar van het gelijknamige Overlanders Guesthouse. Hier kwamen wij aan via Kerman - waar wij Ronald en Rini Brouwer (Roemer kende zijn broer toevallig genoeg) ontmoette en de Prinselijke tuin van Marcan. Ak'bar en zijn zoon Mohammed hebben beter tijden gekend. De afgelopen tien jaar zijn traumatisch verlopen voor Bam. Eerst zorgde The war on Terror ervoor dat toeristen niet meer op doorreis wilden en in 2005 maakte een aardbeving een einde aan de unieke ommuurde citadel van modder en klei. Alsof dit niet genoeg was, werd in 'The war on Drugs,' in 2007 een Japanner ontvoerd. Die werd drie maanden later zo stoned als een garnaal weer vrij gelaten. Had hij toch nog een voordeeltje uit die misère. Oud leraar Engels en huis-tuin filosoof Ak'bar blijft er gelaten onder, "Nare dingen gebeuren overal. Alleen als het hier gebeurt is het wereldnieuws". We verbleven nog een paar dagen bij Ak'bar, toch niet geheel overtuigd van laaste nieuwsberichten uit Pakistan. Wij overwogen zelfs een alternatieve route. Via Dubai misschien? Ach nee, te kostbaar en dan zit je met 45 graden uiteindelijk in die grote vieze stad Mumbai.

De geschiedenis heeft zich inmiddels al achterhaald. In de volgende post meer over ons avontuur naar de Pakistaanse grens en de 'race' naar Lahore.

Luchtige Moskee in Esfahan
Beroemde Imam Square in Esfahan

Hop paardje hop

Kiekeboe

Armeens Christelijke kerk. Schitterende met de handgeschilderde taferelen.

Lisan belaagd door scholieren. 

...En buiten nog even op de foto...

Vermoedelijk de kleinste Koran ter wereld

Eén van de mooie bruggen in Esfahan.

Vanaf de brug heb je een mooi uitzicht over de rivier en de plantsoenen aan het water.

Nice Girl

Hier aten wij Dizi een lokaal gerecht. Samen met onze vriend uit India die eerlijk gezegd nooit stopte met praten (en nooit luisterde). Hier was hij héél even stil.

Uitgegeten? Tijd voor Shisha! Only men allowed...

Wat is de kans dat je een zak chips tegen komt met jouw naam erop? 

De vissenvijver van het Kohan Family Hotel in Yazd.

Orginele deur uit Yazd. Links is strikt voor vrouwen, rechts voor mannen... Zo weten de bewoners 'wat' er aanklopt.

Eén van de vele straatjes in het labyrinth van Yazd.


Violenmakerij.

Weverij.

Niet alleen schoorstenen maar ook vierkante windtorens op het dak om het huis koel te houden (als je geen airco hebt).



Ondergetekenden met Ron Fellows. De man die op een 102 jaar oude motor naar België rijdt.
www.oldblokeonabike.com

Gelukkig is Ron een gepensioneerd Honda monteur en weet de Belgische FN Fabrique Nationale opnieuw tot leven te wekken!

Ready to roll



Kwartje verdienen?




De mooiste tuin van Iran (volgens de mensen die er rond hingen).

Nu begint Baluchastan. Over de bergen heen kun je Afganistan al ruiken.


De vele memorabele reisverhalen zijn informatief en artistiek opgetekend in de boeken van Ak'bar.

Ak'bar's Guesthouse in Bam. Als je er bent, kijk even of onze sticker er nog hangt ;-)

De gerestaureerde Citadel van Bam.

Ak'bar het gaat je goed.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen