18 feb. 2013

Exploring the Baja peninsula

De grensovergang van San Diego naar Tijuana (Mexico) verliep vrij vlot. Geen invoer van de motor want dat kon ook in La Paz. Net over de grens merkten we meteen dat we in een ander land waren beland. Langs de grensmuren liepen Mexicanen die maar wat graag Amerika binnen wilden sneaken, ook zag het er allemaal minder geoorganiseerd en armer uit. We kozen voor de weg langs de kust die ons naar de Baja Peninsula zou leidden, een deel van de wereld waar we George naar hebben vernoemd. Om even toe te lichten; nadat Africa Twin 'George' in onze proefreis naar Marocco crashte, verbouwde Roemer hem en kreeg hij de Baja Designs Rally Headlight. Motoren met deze speciale koplamp worden elke jaar tijdens de Baja 1000 rally's in Baja California gebruikt. Vandaar deze naam dus.

De weg langs de kust was erg mooi, maar wel winderig zodat het nog steeds koud aanvoelde. We vonden een RV park in Ensenada. Het zag er erg aftands uit, het santair functioneerde niet of nauwelijks en het water was zo slecht dat we er niet eens mee konden koken. Althans dat vertelde de aardige opzichter met een blind oog ons. Hij gaf ons drinkwater en twee pakjes noodlesoep. Het werd al snel koud dus we maakten snel iets te eten en gingen vroeg naar bed.

De volgende dag reden we vooral door het binnenland. Het was zo koud dat we onderweg zelfs even stopten om een warme chocomelk te drinken! We sliepen die nacht in een motel in El Rosario, waar het de volgende ochtend nog zo koud was dat we wolkjes konden blazen. Gelukkig werd het naar het zuiden toe steeds warmer. We belandden in Bahia Los Angels. Een plek waar Amerikanen heen gaan om te vissen en waar de Baja 1000 Rally begint. We kampeerden er in het wild, vlak aan de kust, onder een stralende sterrenhemel.

We vonden Bahia / Baja California echt een genot om doorheen te rijden. De natuur is er uniek, soms waan je je in Jurassic Parc en andere momenten rijd je door woestijn, bergen, valleien of langs de azuurblauwe zee met een strak blauwe lucht. Ook kom je er de mafste bomen, enorme cactussen en levende en dode dieren langs de weg tegen waar dan weer aasgieren op af komen.

Onze volgende stop werd een RV park in Guerrero Negro. Dit stadje ligt aan een baai waar elk jaar vanaf januari walvissen naartoe trekken om hun zogen op te voeden en verzorgen. Deze baai is namelijk enorm rijk aan kril. Toch sloegen we de walvisspottour over, want februari is pas de maand waarin de kans het grootst is om ze te zien. Bovendien zijn we nou eenmaal niet op vakantie. Het gevolg was wel dat ik achterop de motor langs de kust telkens om me heen zat te turen om te zien of ik er toch niet eentje zag.

In het pitoreske Mulegé besloten we twee dagen te blijven. Allebei toe aan een korte rust na al het rijden, wat te schrijven en zin om even de toerist uithangen. Ook hier stikte het er van de Amerikanen. Ze wonen er permanent of brengen er de winter door. Heel leuk voor hen maar minder voor ons want danzij hen liggen de prijzen er hoger dan op het vaste land van Mexico en je proeft hierdoor geen échte mexicaanse sfeer. We aten in een eetcafé met een onsympatieke Amerikaan als eigenaar, aan de bar hingen nog een paar onsympathiekelingen... Maar ach, die heb je overal.

Na 36 km, de korste rit in Mexico tot nu toe, kwamen we bij de Bahia de Conception, een groepje baaien achterelkaar. Onze voorkeur ging uit naar El Cayote Beach. We zetten onze tent onder een palapa (hutje) waar je later die dag een klein bedrag betaalt als de opzichter langs komt rijden. Ook hier verblijven veel Amerikanen en Canadezen met hun rijdende huizen. Sommigen brengen hier zelfs de hele winter door. Onze buurman Scott (helemaal uit Wyoming) overwintert hier ook, in zijn kleine tentje. Begin voorjaar gaat hij weer terug om in zijn restaurant te werken. Een heel relaxed leventje dacht ik zo!


Uitzicht op Baja Conception

Eén nachtje kamperen werden er al gauw drie. Als je 's ochtends wakker word met als uitzicht een azuurblauwe zee, met daarin zeker tien dolfijnen - dan wil je echt niet meteen weg. Scott nam ons mee voor een wandeling naar wat rotstekeningen uit de prehistorie en naast het genieten van het uitzicht op zee en de nodige boodschappen, deden we vrij weinig.


Kolibri !

Onze volgende bestemming werd Cuidad de Constitution. We vonden een RV park maar aangezien de prijs voor een kamer bijna net zo duur was als kamperen besloten we om die te nemen. Geen slechte beslissing aangezien we de laatste dagen niet konden douchen of normaal naar de wc gaan. Later bleken Onze volgende kampeerplekken trouwens ook erg basic te zijn. In El Vantana sliepen we tussen de surf dudes. Aangezien wij niet kunnen surfen en er verder geen reden voor ons was om hier langer te blijven reden we door naar Cabo Pulmo.

Cabo Pulmo heeft (helaas) als een van de weinige plekken ter wereld nog levende koraalriffen. We reden door het dorp, aten heerlijke vis-taco's in een leuke tentje en gingen op zoek naar een campingplek. Vanaf het dorp moesten wat kilometers off-road rijden. Dit tot ongenoegen van ons alle drie. George rijd namelijk ook niet graag met harde banden en zwaar beladen over een gravelweg, maar na wat lucht uit de bandjes te hebben gehaald ging het wel.

Uiteindelijk vonden we een mooie kampeerplek genaamd Los Frailes, in een rivierbedding met uitzicht op de zee. Meteen kwamen onze Amerikaanse en Canadese buren ons verwelkomen. Beide stellen verblijven hier een paar maanden per jaar met hun RV's en boten. Aangezien er in de buurt niets te koop was kregen we van de buren zoveel water we nodig hadden, want dat hadden we weer niet. De volgende ochtend nam buurman David ons mee zeevissen. Natuurlijk was het zijn bedoeling om met een dikke vangst terug te keren, maar helaas vingen we alleen een paar oneetbare visjes. Dat mocht voor ons de pret niet drukken want we zagen dolfijnen, zeeleeuwen, manta rays en ja in de verte dan toch die langverwachtte walvis!

Gewoon een beetje vissen...

Op het strand zagen we de vangst van een paar Mexicaans vissers liggen; vier haaien. Trots staken ze hun duim om toen ik hun kant op keek. Ik had ze liever een middelvinger gegeven maar bedacht me ook dat ze waarschijnlijk niet beter weten. Het is voor de Chinese en Japanse markt, ze krijgen per vin honderd dollar. Vroeger ging de rest terug in zee, tegenwoordig schijnen ze er arme mexicanen blij mee te maken.  

's-Avonds moesten we margaritas komen drinken bij Ivan en zijn vrouw Shelly. Het was super gezellig alleen die vierde margarita was misschien toch iets te gortig. Shelly maakte ze namelijk nogal sterk. Roemer ging die ochtend zonder kater mee met buurman David uit vissen. Ik ging met de dames mee naar de weekelijkse markt waar al het RV volk al stond te wachten tot de koopman zijn waar had uitgestald. Ik werd voorgesteld aan iedereen en ze waren erg geinteresseerd in onze reis. De vangst van die dag: een triggerfish die we die avond samen met David en zijn vrouw Ruth opaten.

Weer drie dagen zonder douche en toilet vonden we het wel weer tijd om verder te gaan. Voor ons eindpunt stopten we nog even in Todos Santas bij het beroemde hotel california (van het liedje). We vonden het vooral een touristtrap dus maakten we dat we weg kwamen. Eindelijk in La Paz vonden we het RV park dat Ruth ons het aangeraadde. Een goede plek met veel faciliteiten, zelfs een gratis wasmachine. De volgende dag regelden we de tijdelijke Mexicaanse importverguning voor de motor en kochten we de tickets voor de boot. De dag erna maakten we er een dagje uit van in La Paz. Langs de boulevard stond de RV van een oude bekende genaamd Neil. We kwamen hem al eerder tegen, hij had problemen met zijn 'wagen' en moest wachten op een bepaalde dieseltoevoeging.

Toen we terug waren stond er een enorme omgebouwde bus van een Duits stel naast ons. Ondanks het feit dat ze nogal dichtbij stonden, hadden ze weinig zin in een praatje. Toen we terug kwamen van koken in het washok (het waaide heel hard), bleek dat ze hun hond voor onze tent hadden laten poepen! De dag van vertrek hadden we nog tijd om langs het uiterste puntje te rijden. Tegen vijf uur vertrok de boot. Roemer kwam in het laadruim twee Amerikaanse jongens genaamd Alex en Andrew tegen. Eindelijk weer eens mensen ontmoet die zo gek zijn als wij! Zij zijn van plan om met hun motoren zón beetje dezelfde route af te leggen. Zo belandden we na het eten in hun hut om een biertje te drinken en onze plannen te bespreken.

Hoe het ons op het vaste land verging lees je in onze volgend post!

Eén van de véle Boojum Trees. Rare jongens...
Altijd mijn Lievelingsdier geweest. De majestueuze Blauwe Vinvis.
Geen idee wat voor blommeke dit is. Ze leven in de desert en kijk naar die minuscule besjes!
Er blijft een geheel van schone botten en een lap leer over als de opruimingsdienst langs geweest is...

Typisch kerkhofje. Met kleine huisjes voor de doden.

Eén van onze favoriete plekjes: El Coyote Beach

Roemer als de Koning zo rijk in onze palapa


Het is een goed gebruik om je sporen, sticker, achter te laten...

Indianen prenten. Wat zouden ze ermee bedoelen?

Scott ving een Trigger Fish vanuit zijn kayak. Wat een leven...

Kort hierna kwamen de Phosporus dolfijnen



Deze trucks reden ons deze keer niet links en rechts voorbij.

Deze vrouw maakte heerlijke tortilla's met 'geschaafde kip' iets wat je Lisan normaal niet ziet eten... 

Surfparadijs, gratis slapen in een rivierbedding.  

Wie noemt mij een Bimbo? (Is hier een merk brood. Schijnt nog lekker te zijn ook).

Mexico's trots de Topes. Ze kunnen er geen genoeg van krijgen.

Los Frailes is voor veel Amerikanen en Canadezen een overwinteringsoord. Lekker een half jaar leven van de zee.

Ivan heeft grote verhalen. Gisteren had hij nog zoooooo'n vis gevangen.

Op onze vertrekdag ving hij toch nog even een Dorade. Smullen!

The Fisherman and the Sea

Mexicaanse grafitti lijkt meer op kunst.

Dit was iets met aardappel en iets van vlees erin. 


Nog zo'n bekende tekening van Wyland - een bekende artiest.

Neil uit Seatle, Washington. Hij sliep in zijn bus. Een aparte vent met een Gouden uitspraak voor: "Cabo Pulmo". We hebben dat vaak herhaald.
Het bekende kerkje in de oase van San Ignasio.

Deze Buggy zou best mee kunnen doen aan de Baja 1000.

Baja's laatste troef: Playa Balandra.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen